in

De vrouw met de hoodie

de vrouw met de hoodie

De vrouw met de hoodie

De afgelopen dagen is Nederland geteisterd door winters weer. Dat inspireerde mij tot het volgende korte verhaal over Barry Smeeds, mijn hoofdpersoon in een aantal van mijn boeken. Het mysterie rondom de vrouw met de hoodie.

Wie is de vrouw met de hoodie?

December. Volgens de kalender is de winter nog niet begonnen, maar het voelt nu al zo koud als midden in de winter. De laatste restjes van de herfst zijn machteloos tegen het koufront dat vanuit het ijzige oosten over het dorp is neergedaald. De lucht is fris op gezichten en droog in monden en kelen. Het is het soort kou dat buiten blijven ontmoedigt.

Mensen brengen zo min mogelijk tijd buiten door. In plaats daarvan haasten ze zich van kantoor naar metro, trein of bus, van winkel naar auto, en dan naar huis als ze geluk hebben. Om half acht ’s avonds is het ook net zo donker als midden in de winter. In het dorp is vrijwel altijd wel ergens licht, maar in het park en de daarachter liggende straat lijkt het soms net zo zwart als een sterrenloze hemel. De dicht opeenstaande bomen houden het licht tegen. Lantaarnpalen zijn kapot getrapt. Heel in de verte schemert het schijnsel van de verlichte kerkklok.

Bedenkt tegen de sneeuw

Een laag sneeuw bedekt de aarde. Verse voetstappen verstoren het vlakke laken. Ik buig naar voren en bestudeer de schoenafdrukken. Platte zolen met aan de voorzijde een aantal ribbels. Een iets slepende tred. Ik kom weer overeind en tuur voor me uit. Mijn neus wordt geprikkeld. Er hangt rook in de lucht en waarschijnlijk niet uit een van de schoorstenen in de straat achter me.

Nee, iemand heeft een kaars aangestoken. Voorzichtig loop ik verder. Ik zet mijn schoenen zo zachtjes mogelijk op de sneeuwlaag en probeer het knerpen van mijn schoenzolen te verhinderen. Als ik dichterbij kom, hoor ik geschuifel en een gedempte snik, maar de struiken langs de paden in het park zijn zo dik dat ik niets kan zien.

Ik ga langzamer lopen en probeer mezelf wijs te maken dat ik dat doe omdat ik niet buiten adem wil raken. Ik moet eruitzien alsof ik de situatie meester ben en heb mijn adem misschien nodig om luid te kunnen schreeuwen. Dat hou ik mezelf voor. De waarheid is echter dat ik een hekel heb aan dit park. Het herinnert me aan een tijd die ik liever wil vergeten, maar die niet uit mijn hersenen wil verdwijnen.

Historie de vrouw met de hoodie

Dertig jaar geleden, exact vandaag, liep ik in ditzelfde park. Een opgeschoten jongen, gekleed in een gebleekte spijkerbroek met daarboven een zwart ski-jack. Bruine legerlaarzen aan mijn voeten. Ik rookte stiekem en mijn onzichtbare rookplek was tussen de struiken en bomen van dit park.

Er lag dat jaar geen sneeuw en de kou was minder ijzig dan vandaag. Ik verborg me tussen de struiken en stak een sigaret op. Mijn hand vormde een kommetje om het oplichtende vuur. Ik inhaleerde, hield even mijn adem in en blies de rook weer uit mijn longen. Ik genoot van mijn stiekeme momentje. De sigaret was halverwege toen het gebeurde.

Een moeder, met in haar armen haar baby, rende door het park. Een paar keer dreigde ze te struikelen, maar ze wist ternauwernood op de been te blijven. Een twintigtal meter achter haar holde een man haar achterna. Schreeuwend dat hij haar wel zou krijgen en zijn wraak zou zoet zijn. Ik zag het allemaal gebeuren.

Mijn wraak zal zoet zijn

Pal voor mijn neus kreeg hij haar te pakken en smeet haar met baby en al omver. De vrouw wilde haar baby beschermen en draaide haar lichaam zodanig dat zij de heftige klap op het pad opving. Haar achterhoofd raakte het asfalt als laatste, maar het was een noodlottige klap. Vanuit de struiken zag ik dat het levenslicht met een vonk uit haar ogen spatte en doofde. Haar armen gleden langs haar lichaam. De baby rolde van de moederbuik in het natte gras. Er klonk geen geluid, alleen de amechtige ademhaling van de man die zojuist een vrouw had gedood.

Van wat er daarna is gebeurd, herinner ik me niet veel meer. Ik weet alleen nog dat ik trillend thuiskwam, naar mijn kamer rende en op mijn bed ben geploft. Ik keek naar mijn handen. Rode sporen glinsterden tussen mijn vingers. Onder mijn nagels zat een huidkleurige substantie. Ik schoot overeind, trok mijn kleren uit en rende naar de badkamer.

Gekleed in een zwart silhouet

Ik loop de hoek om. Een silhouet, gehuld in een zwarte hoodie, steekt af tegen de omgeving. Een blauwwit vlammetje beschijnt het gezicht. Blanke huid, rode lippen en zwarte wenkbrauwen. Haar ogen donkergrijs als glanzend edelsteen. Ze laat de kaars iets zakken. Ik kan nog net zien dat de vrouw met de hoodie haar ogen iets vernauwen, maar weer opengaan als zij mij herkent.

‘Zo, Barry Smeeds, jij hier,’ zegt de vrouw.
Ik knik. ‘Ja, ik wandel hier iedere avond.’
Zij knikt. ‘Dat weet ik toch, want ik kom je bijna iedere avond tegen.’

Er valt een korte stilte. Een tikje ijzig.
We halen adem. Condenswolkjes dwarrelen uit onze monden naar elkaar toe en vermengen zich. Ik voel hoe mijn hart harder gaat bonzen.

‘Barry, vandaag is het exact dertig jaar geleden dat mijn ouders hier op deze plek vermoord zijn,’ zegt ze verdrietig. ‘De moordenaar is nooit gevonden.’

Ik staar naar de bovenrand van de vrouw met de hoodie. Aangekoekte sneeuwvlokjes hechten vast aan de zwarte stof. Het beeld verandert in een kleine baby, hulpeloos in het natte gras. Op het pad ligt haar dode moeder. Iets verderop ligt een man, haar vader, met een gebroken nek.

Zijn huid is een stukje weggeschrapt en bloed druppelt uit een kleine wond. Een opgeschoten jongen, gekleed in een gebleekte spijkerbroek met daarboven een zwart ski-jack en bruine legerlaarzen aan zijn voeten, staart naar zijn vervuilde handen. Handen die net een mens het leven hebben afgenomen.

‘Ik weet het, Charlotte, het is en blijft zwaar ook al is het al zolang geleden,’ zeg ik.
‘Die politieman heeft nooit zijn best gedaan om de dader te vinden,’ zegt Charlotte gekweld.

Ik haal mijn schouders op.
Opnieuw valt er een ijzige stilte.

‘Tot de volgende keer,’ zegt Charlotte plots en draait van me weg.

Ik kijk haar na tot ik alleen de sneeuwvlokjes op haar hoodie nog kan onderscheiden. Dan loop ik de andere kant op. Aan de rand van het park steek ik de weg over. Een stukje over het ondergesneeuwde fietspad, dan rechtsaf het laantje in naar de algemene begraafplaats. Ik veeg een traan uit mijn ooghoek. Het voelt aan als een druppeltje ijs.

Op de begraafplaats sla ik linksaf en tel de grafstenen. Bij de zevende steen blijf ik staan. Licht van de kerkklok valt precies op de zwarte letters op de marmeren steen: ‘hier rust Tinus Smeeds, gewaardeerd echtgenoot, vader en politieman van onze gemeente.’

Meer info over mijn boeken: https://arnoweijgertse.wordpress.com/boeken/

de vrouw met de hoodie

3 Reacties

Laat een reactie achter
  1. Jij bent 1 van mijn favoriete bloggers! Lange en boeiende teksten. Overal heb ik je blog gedeeld. Tip: probeer (voor de zoekmachine) meer titels (H2) tussen de alinea’s te zetten. Ook de zoek zin moest vaker in de tekst komen. Alles staat nu op maximaal en ik verwacht veel hits op je blog. Groeten Diana van Beheer

Geef een reactie

Geschreven door Arno

Arno

Arno’s Verhalenblog: Korte verhalen met gebeurtenissen van alledag. Doordrenkt met humor, zelfspot en verbazing.

Nissan Leaf Business edition

Nissan Leaf Business edition

Faalangst

Enorme faalangst, maar er geen last van?!